19 januari 2024

Dossier Israël-Gaza. Deel 2: Een woordpuzzel

Nergens is het gebruik van bepaalde termen zo gevoelig als in de beschrijving van het conflict tussen Israël en Palestina. Zelfs deze ene zin zit al vol stekeligheden. Want is conflict wel echt het goede woord voor de situatie daar? Moeten we niet spreken over oorlog? En mogen we eigenlijk wel Palestina zeggen? Sommige mensen hebben daar grote problemen mee.

In het kort:
- De NOS krijgt het verwijt partijdig te zijn door het gebruik van bepaalde woorden.
- De discussie over welke woorden je gebruikt, wordt al lange tijd gevoerd.
- Sinds 7 oktober is de discussie weer opgelaaid.
- De NOS heeft qua woordkeus een aantal duidelijke en onderbouwde keuzes gemaakt.
- Het blijkt onmogelijk om voor iedereen de juiste woorden te gebruiken.

Wat wordt de NOS verweten?

Wie kijkt naar de vele mails die binnenkwamen bij de Ombudsman, maar ook naar de discussies online, ziet dat er erg gelet wordt op het woordgebruik van de NOS. Op basis van één item kan de NOS het verwijt krijgen antisemitisme aan te wakkeren, maar ook dat de redactie islamofoob of anti-Palestina is. Dit fenomeen, waarbij uit hetzelfde materiaal twee conflicterende conclusies worden getrokken, komt aan de orde in dit artikel. We bekijken daarin waar de NOS precies aandacht voor had in de eerste maand sinds 7 oktober 2023.

Hier zoomen we in op sommige van de woorden die voor verwarring of boosheid zorgden bij kijkers en luisteraars. Het gaat dan bijvoorbeeld over het wel of niet gebruiken van het woord ‘terrorisme’ als over de daden van Hamas wordt gesproken. Volgens sommige kijkers doet de NOS dat namelijk niet. Zo schrijft één iemand ons: “Ik vind dat de NOS al langer de normen van deugdelijke en neutrale verslaggeving uit het oog verliest – mensen die 1.300 mensen vermoorden zijn geen 'strijders' maar terroristen.”

Volgens een deel van het publiek zou de NOS hiermee de kant van Hamas kiezen, want door het geen terrorisme te noemen zouden de daden van deze beweging afgezwakt worden. Maar klopt het wel dat de NOS Hamas niet op deze manier benoemt? De Ombudsman heeft een analyse gemaakt van het gebruik van enkele van de meest gevoelige woorden waarover geklaagd werd, op basis van de berichtgeving tussen 7 oktober en 7 november. Ook hebben we gekeken naar hoe er over het woordgebruik wordt gediscussieerd en wat dat betekent voor het werk van de journalisten.

Discussiëren over woorden

De juiste woorden vinden is al decennialang één van de grootste uitdagingen voor iedere journalist die bericht over dit conflict in het Midden-Oosten. Naast de woorden die we hierboven al noemden, is er regelmatig onenigheid over termen als bezette gebieden, kolonisten en illegale nederzettingen. Naar aanleiding van de berichtgeving van de afgelopen weken schreef het Amerikaanse VOX over woorden die weliswaar gevoelig liggen maar toch noodzakelijk zijn voor een goed begrip van het conflict.

In het artikel “How we talk about the Israel-Hamas War” probeert de redactie uit te leggen hoe de media bepaalde woorden kiezen. Journalisten baseren zich vaak op hoe internationale organisaties of wetenschappers tot hun woordkeus gekomen zijn. Het probleem is echter dat niet iedereen de conclusies van deze organisaties en wetenschappers accepteert. Wat voor de één een feitelijke constatering is, ziet een ander als een gekleurde mening. Het maakt al decennialang een gesprek over wat er aan de hand is, uitgesproken lastig en in ieder geval bijzonder verwarrend.

Die verwarring is voor diverse media in het verleden aanleiding geweest om juist voor nieuws uit Israël en de Palestijnse gebieden expliciete afspraken te maken over welke woorden er gebruikt worden door de redactie. Zo baseren veel Engelstalige media zich op het stijlboek van persbureau Associated Press. Welke keuzes AP daarin maakt, is ook voor het publiek terug te vinden in de onlineversie van het stijlboek. Wat daarbij opvalt is dat het persbureau aanraadt soms bepaalde beladen woorden te vermijden, en in plaats daarvan te kiezen voor een wat uitgebreidere omschrijving.

Dit is hoe sommige redacties op dit moment omgaan met de termen terrorist en terroristische organisatie. Ook deze aanduidingen hebben volgens sommigen een politieke lading, schreef hoofdredacteur Brodie Fenlon van de Canadese publieke omroep CBC naar aanleiding van klachten. Zijn redactie kreeg het verwijt dat ze Hamas niet consequent omschreef als terroristische organisatie. Volgens hem zit daar echter een puur journalistieke gedachte achter: zijn journalisten leggen vast wat er gebeurt zonder daarover te oordelen.

Wij zijn getuigen. CBC News zelf wijst geen specifieke groepen aan als terroristen, of specifieke handelingen als terrorisme, ongeacht de regio of de gebeurtenissen, omdat deze woorden zo geladen zijn met betekenis, politiek en emotie dat ze uiteindelijk belemmeringen voor onze journalistiek kunnen vormen.”

Wat Fenlon hier zegt is dat de redactie wel zal beschrijven wat Hamas of soortgelijke organisaties doen, maar dat ze in principe wegblijft van de woorden terrorisme en terrorist. Daarbij ontkent hij overigens niet dat wat Hamas op 7 oktober heeft gedaan, wel degelijk geschaard kan worden onder die noemer, maar dat CBC dat niet zelf voor de kijker zal invullen.

Terrorisme houdt over het algemeen in dat er aanvallen worden gepleegd op ongewapende burgers om politieke, religieuze of andere ideologische redenen. Het is echter een zeer controversiële term die journalisten in een conflict kan dwingen partij te kiezen,”  schrijft hij op de website van CBC. “Door ons te beperken tot neutrale taal, worden we niet geconfronteerd met het probleem om het ene incident een "terroristische daad" te noemen, terwijl we het andere incident classificeren als “slechts” een simpele “bomaanslag".”

De BBC volgt een vergelijkbare lijn. “Terrorism is een beladen woord dat mensen gebruiken om een groep te omschrijven die ze moreel afkeuren. Het is niet de taak van de BBC om mensen te vertellen wie ze moeten steunen en wie ze moeten veroordelen - wie de goeden en wie de slechten zijn.”, schrijft World Affairs Editor John Simpson op de website. Volgens hem laat de BBC wel anderen aan het woord die Hamas omschrijven als terroristische organisatie, maar plakt er zelf het woord niet op.

Het leidde tot flink wat kritiek op de Engelse omroep en een hernieuwde discussie op de redactie. Maar ondanks dat bleef de BBC bij het standpunt: “We hebben zorgvuldig nagedacht over alle aspecten van onze verslaggeving van het Israël-Gaza-conflict, zowel wat betreft de aanvallen van Hamas als de reactie van Israël - dit omvat de taal die we gebruiken. De BBC is redactioneel onafhankelijk; onze rol is om precies uit te leggen wat er gebeurt, zodat het publiek een eigen oordeel kan vellen. Ons langdurige standpunt, zoals ook tijdens eerdere conflicten tussen Israël en Hamas in Gaza, is dat we de term 'terrorist' alleen gebruiken als het door een ander gezegd wordt, in overeenstemming met de redactionele richtlijnen van de BBC.”

Over het algemeen is er in de Engelstalige pers vrij brede consensus om het woord terrorisme niet te gebruiken, tenzij een bron dat doet. Ook in het eerdergenoemde AP Style Book  staat dat het woord te “politiek gekleurd”  is om als onafhankelijk journalist te gebruiken. Voor de omschrijving van Hamas raadt AP bijvoorbeeld aan bewapende groep Palestijnse militanten te gebruiken.

Onder het kopje “balans” schrijft het persbureau over het gebruik van woorden: “Woorden moeten zorgvuldig worden gekozen om respect te tonen voor verschillende perspectieven op het conflict [… ]. Vermijd stereotypering, bespreek nuance en behoud op brede wijze een gebalanceerd perspectief.”  Volgens AP zit de zoektocht naar een goede journalistieke balans in de berichtgeving dus al in de woordkeuze van de journalist.

Verschillen bij Nederlandse media

Ook in Nederland is er al lang veel te doen over de woordkeuze in berichtgeving. Sinds de gebeurtenissen van 7 oktober is het niet makkelijker geworden. Dat zegt NOS-journalist Dick Jansen in een artikel in de NRC enkele dagen na de Hamasaanval: “We zijn ons zeer bewust van onze journalistieke opdracht om de verschillende perspectieven die in het conflict een rol spelen mee te wegen in onze woordkeuzes”.

De NRC maakte een rondgang langs verschillende redacties om te inventariseren hoe daar werd omgegaan met sommige van de beladen termen. Volgens redacteur Toon Beemsterboer gaat het daarbij vooral om de woorden terrorisme, bezetter, militant, oorlog en burgerdode. Zijn analyse is van drie dagen ná de aanval van Hamas, hij bevroeg NOS, Nu.nl, De Telegraaf en de NRC  zelf. Interessant is dat op dát moment de NOS de enige is die het woord oorlog gebruikt voor wat er gaande is in Israël en de Gazastrook. ”Niet alleen omdat Israël formeel de oorlog heeft verklaard, maar ook omdat het conflict inmiddels alles weg heeft van een oorlog”, zegt Jansen in de krant.

Het stuk in de NRC  laat zien hoe verschillend er in Nederland op redacties gedacht wordt over de woordkeuze. Welke woorden er gebruikt worden, blijkt niet in beton gegoten. Het is een doorlopende discussie. Dat zegt NOS-hoofdredacteur Giselle van Cann in podcast De Dag van maandag 6 november: “We hebben op de redactie veel gesprekken hierover. We hebben een club van gespecialiseerde redacteuren die zich bezighouden met onze taal, onze woordkeuze. Gebruiken we woorden als dat er mensen zijn vermoord of zijn ze omgekomen bij bombardementen? En waarom doen we dat? En is dat een keuze die we een paar weken geleden gemaakt hebben? En vinden we dat nog steeds een goede keuze?”

Ook oud-NOS-correspondent in Israël Sander van Hoorn komt in de podcast aan het woord. Hij legt uit dat je het nooit iedereen naar de zin kunt maken. “Noem je iets een operatie of noem je het gewoon een aanval of een inval? Heb je het over het Israëlische leger of zoals het hier heet, de IDF, de Israeli Defense Forces? Maar als je dat doet, moet je op zijn minste weten dat Hamas het heeft over de IOF. De Israeli Occupation Forces. Vanuit hun perspectief natuurlijk net zo juist. En ja, dan is IDF misschien wel een keuze. Dus daar moet je op zijn minste over nagedacht hebben.”

Onderzoek naar het woordgebruik van de NOS

De productie van de NOS over de gebeurtenissen in Israël en Gaza is enorm. Zowel op radio als op tv wordt er in meerdere uitzendingen per dag gesproken over het laatste nieuws. Daarnaast verschijnen er video’s op YouTube en op sociale media en worden er podcasts gemaakt. Ook is er een liveblog en verschijnen er losse nieuwsberichten op de website. Alleen op 7 oktober waren dat online al 24 berichten en artikelen.

Om een analyse te kunnen maken van het taalgebruik heeft de Ombudsman vanwege deze omvangrijke productie een steekproef moeten doen. De focus ligt daarbij op het NOS Journaal van 20.00 uur  en het dagelijkse liveblog. Deze twee producties zijn een goede graadmeter voor het algemene woordgebruik van de omroep. Het ‘Acht Uur Journaal’ wordt door het publiek nog altijd gezien als het vlaggenschip van de NOS. Het liveblog biedt daarnaast een dwarsdoorsnede van wat de NOS iedere dag online publiceert over een bepaald onderwerp.

We hebben specifiek gekeken naar een aantal woorden dat wordt genoemd in mails van kijkers en luisteraars aan de Ombudsman. Zo klagen mensen over het niet gebruiken van het woord terrorisme en terroristische organisatie als het over Hamas gaat. Aan woorden als omgekomen en vermoord kan je zien hoe erover de slachtoffers bericht wordt. Als laatste kijken we naar het gebruik van het woord oorlog. We hebben daarnaast onze bevindingen voorgelegd aan de hoofdredactie van de NOS.

Terrorisme/terroristen/terroristische organisatie

Het eerste bericht dat de NOS brengt op 7 oktober verschijnt om 07.01 uur op de website. Niet lang daarna (om 07.40 uur) wordt een liveblog gestart. In het eerste bericht daarin spreekt de NOS al meteen over de terreurorganisatie Hamas. Letterlijk staat er: “De Palestijnse terreurorganisatie Hamas heeft vanochtend vanuit de Gazastrook een onbekend aantal raketten afgevuurd op doelen in Israël.”.

Lange tijd is onduidelijk wat er precies gaande is en dat laat zich ook zien in het woordgebruik in het liveblog. Opvallend is daarbij dat Hamas blijvend een terreurorganisatie wordt genoemd, maar dat wat er gebeurt geen aanslag of terrorisme wordt genoemd. Daar waar dat wel gebeurt, zit het in een quote van een andere nieuwsorganisatie of bijvoorbeeld een politicus.

Om 10.35 uur noemt de NOS de mensen die de aanval uitvoerden voor het eerst terroristen: “De Israëlische politie schat dat er momenteel 60 terroristen zijn op 14 locaties in Israël.”. Weer tien minuten later gaat het echter volgens de NOS om “militanten” en twintig minuten daarna weer om “Palestijnse terroristen”.

Op deze eerste dag worden de Hamas-aanhangers die de aanval uitvoerden dus zowel terroristen als militanten genoemd. Wie de eerste maand op zoek gaat naar beide woorden op de site van de NOS komt terroristen 150 keer tegen en militanten 43 keer. Een zoekopdracht via google naar vergelijkbare termen op de website van de NOS levert het volgende resultaat op:
We telden hier overigens alleen het gebruik van deze termen in combinatie met Hamas, dit om te voorkomen dat ook nieuwsberichten die niet over Israël of Gaza gingen, werden meegenomen. Om de aantallen te kunnen turven hebben we gebruik gemaakt van de uitgebreide zoekfunctie binnen google. De gebruikte zoekregel daarbij was “Hamas AND … site:nos.nl after:2023-10-7 before:2023-11-07”.


Wie kijkt naar de uitzendingen van het NOS Journaal van 20.00 uur  krijgt hetzelfde beeld. Ook daar krijgt Hamas vaak een omschrijving mee die gaat over terrorisme. In totaal gaat het tussen 7 oktober en 7 november om meer dan 50 keer (gemiddeld zo’n anderhalve keer per uitzending). Daarbij moet wel gezegd worden dat vaker nog er geen omschrijving volgt en er simpelweg gesproken wordt over Hamas.

De NOS kreeg van kijkers en luisteraars het verwijt dat ze Hamas niet zouden aanduiden als terroristische organisatie, maar dit klopt dus niet. Uit de cijfers blijkt duidelijk dat ze dat wel deden. Alleen al op de website wordt Hamas dus 655 keer gekoppeld aan termen als terrorisme, militante beweging of terroristische beweging, zo blijkt uit de som van de cijfers uit de voorgaande tabel.

In het artikel Twaalf termen om de oorlog tussen Israël en Hamas (beter) te begrijpen  legt de NOS uit wat Hamas volgens de redactie precies is. “Hamas, ook wel de Islamitische Verzetsbeweging, is een militante en terroristische Palestijnse beweging, die vooral actief is in de Gazastrook […]. Onder meer de Europese Unie, de Verenigde Staten en Egypte hebben Hamas bestempeld als een terroristische organisatie.” De NOS legt hier dus uit waarom ze Hamas betitelen als terroristische organisatie en waar men dat op baseert. 

Toch wordt Hamas niet consequent aangeduid als terroristische organisatie. Er wordt in een aantal artikelen en items duidelijk onderscheid gemaakt tussen de gewapende tak van de organisatie en de politieke tak. In een artikel op NOS Stories zegt de redactie daar over: “We noemen Hamas een terreurorganisatie wanneer het gaat om dit soort terroristische acties. Dan zeggen we vaak ook dat Hamas als terreurorganisatie wordt beschouwd door de EU, de VS, de VN, Japan en Nederland. Maar als we het hebben over Hamas in het algemeen, noemen we ze niet vanzelfsprekend zo. Want dan praten we bijvoorbeeld ook over hun politieke tak die zich bezighoudt met het bestuur in Gaza en het regelen van bijvoorbeeld water en elektriciteit in Gaza, en dus niet alleen over terreur.”

In een gesprek met de Ombudsman geeft de hoofdredactie van de NOS aan dat het aanduiden van Hamas als terroristische organisatie een heel bewuste keuze is geweest op de redactie. Vóór 7 oktober was de standaardaanduiding voor Hamas bij de NOS militante beweging, maar dat is dus niet meer zo: “De omvang en aard van wat er op die dag gebeurd is, maakte het voor ons overduidelijk dat we hen nog scherper moesten neerzetten. Dat wat op deze dag gebeurd is, is terrorisme. En de mensen die die daden pleegden noemen we dan ook terroristen.”

Vermoord/Gedood/omgekomen

In de artikelen op de website waar het woord vermoord in voorkomt, valt op dat het zonder uitzondering gaat over de mensen die omkwamen aan Israëlische zijde op 7 oktober. Het woord gedood laat een ander beeld zien. Dat wordt gebruikt voor de slachtoffers van bombardementen of de gevechten in Gaza. Daarbij gaat het overigens niet alleen om Palestijnse slachtoffers maar ook om omgekomen Israëlische militairen en Hamasstrijders.

Één keer wordt gedood gebruikt om het omkomen van 50 Israëlische gijzelaars aan te duiden als niet duidelijk is of ze door de bombardementen op Gaza zijn gedood of als vergelding voor die bombardementen. In het NOS Journaal van 20.00 uur ligt het net iets anders. Daar wordt gedood ook gebruikt voor de slachtoffers van de Hamasaanval van 7 oktober.

Het woord omgekomen wordt in totaal ruim 160 keer gebruikt op de website als het gaat om de gebeurtenissen in Gaza en Israël. Ook in de teksten van het NOS Journaal van 20.00 uur komt het met enige regelmaat terug. Het wordt onder andere gebruikt om aan te geven hoeveel journalisten en hulpverleners er om het leven zijn gekomen sinds 7 oktober. En het komt vaak voorbij als het gaat over het totale dodenaantal.

Sommige mailers zagen ook in het gebruik van deze drie woorden een agenda bij de NOS. Zo zouden volgens een aantal van hen Israëlische slachtoffers constant aangeduid worden met vermoord en Palestijnse als gedood of omgekomen. “Alsof ze het slachtoffer zijn van een natuurramp,” mailde iemand ons. Dat het zo zwartwit niet ligt blijkt uit de voorgaande analyse van het woordgebruik.

De discussie over gedood en vermoord ligt anders dan de discussie over het wel of niet gebruiken van de term terrorisme. De term terrorisme heeft voor sommige mensen (binnen en buiten de media) een politieke lading. Bij de woorden gedood, vermoord en omgekomen kan de simpele definitie van de woorden al uitkomst bieden in het uitleggen waarom ze gebruikt worden.

Dit laatste geldt vooral voor de term vermoord. De onlineversie van woordenboek Van Dale geeft als betekenis van vermoorden: “gewelddadig van het leven beroven”. Rechtspraak.nl komt met een nog iets scherpere (want juridische) definitie van de term moord: “Als iemand van plan is een ander te doden en daarna die persoon ook echt om het leven brengt.”. Bij moord (en vermoord) is dus sprake van het plan om iemand te doden. Er valt niet te ontkennen dat Hamas bij de aanval van 7 oktober het plan had om mensen te doden. Dit ontkennen ze immers zelf ook niet.

Het instituut Onze Taal, dat onderzoek doet naar het gebruik van het Nederlands, schrijft op haar website over de term gedood het volgende: “Gedood worden is een betekenisontlening aan het Engels (to be killed). In oudere naslagwerken wordt gedood worden in deze betekenis daarom een anglicisme genoemd: een vertaling uit het Engels die in het Nederlands vermeden moet worden omdat ze tegen het Nederlandse ‘taaleigen’ ingaat. Doden en gedood worden zouden namelijk altijd een handeling van een persoon veronderstellen.”

De betekenis van het woord is veranderd, schrijft Onze Taal. Volgens de taalexperts moest je voor het gebruik van dit woord een handelend persoon kunnen aanwijzen die zorgt voor het ‘doden’. Maar door de invloed van de Engelse taal betekent het tegenwoordig net iets anders. Het ‘doden’ kan ook gedaan worden door een ding, een dier of een fenomeen. “Krantenkoppen als ‘Vee gedood door storm’ en ‘Burgers gedood door luchtaanvallen’ zijn voor de meeste mensen prima. Het verschil met ‘Bij de overstromingen zijn drie mensen gedood’ is in feite klein: er zijn slachtoffers gevallen door een overstroming.”

Het bovenstaande geeft dus weer dat in de Nederlandse taal het verschil tussen gedood en omgekomen klein is en dat de woorden al lange tijd door elkaar worden gebruikt. Dit zien we terug in het taalgebruik van de NOS. Ook lijkt de NOS de standaarddefinitie van vermoord aan te houden. Er is geen aanleiding of onderbouwing om aan te nemen dat hier iets anders achter zit dan een taalkundige overweging.

Oorlog

Is er een oorlog gaande in Israël en de Gazastrook of niet? En wie is er dan precies met wie in oorlog? Het is op veel redacties een punt van discussie. Daar waar in de westerse wereld al snel werd gekozen om het een oorlog tussen Israël en Hamas te noemen, is dat bijvoorbeeld in de Arabische wereld anders. Zo kiest Al Jazeera voor Israel-Palestine Conflict om de gebeurtenissen te beschrijven. Als de redactie het wel over oorlog/war heeft, gaat het over de Gaza War of soms Israel’s war on Gaza.

In een video op het AJ+-kanaal van Al Jazeera legt één van de journalisten uit waarom men bepaalde termen gebruikt en vooral ook waarom andere termen niet gebruikt worden op dit platform. “De meeste nieuwsredacties verwijzen naar de huidige aanval als een "oorlog" tussen Israël en Hamas of Israël en Gaza, een karakterisering die hier bij AJ+ niet wordt gebruikt. Het probleem is niet per se het gebruik van "oorlog," maar hoe het is gebruikt.”

Volgens AJ+ suggereert de term oorlog een gelijkwaardigheid tussen partijen die er volgens de redactie niet is. Zo is Israël een soevereine staat met een eigen leger en luchtmacht, terwijl dat volgens AJ+ niet gezegd kan worden van Hamas of Gaza. “De termen, zoals ze zijn gebruikt, suggereren een situatie van geweld tussen soevereine landen met gevestigde grenzen en legers - dit is niet het geval bij de bezette Palestijnse gebieden en Israël. Er is natuurlijk niets gelijkwaardig tussen Palestijnen en Israëli's in hun geweldsmiddelen.”

De term waar AJ+ uiteindelijk op uit komt is Israel War on Gaza. Oftewel: de Israëlische oorlog tegen Gaza. Dit is een omschrijving die je ook tegenkomt bij andere Arabische media, maar zo nu en dan ook in westerse media. Daar lijkt echter eerder een term te overheersen die ook in Israël zelf veel wordt gebezigd: De oorlog Israël-Hamas. Dit kom je onder andere tegen in de Israëlische krant Hareetz. Al kiest die bijna net zo vaak voor Israel-Gaza War.

Zoals al eerder vermeld gebruikte de NOS al vrij snel de term oorlog om de gebeurtenissen in Gaza en Israël te beschrijven. De eerste keer dat het woord opduikt is op 7 oktober om zes minuten over acht ’s ochtends. In het liveblog staat dan: "De minister van Defensie heeft al verklaard dat dit een totale oorlog gaat worden met Hamas.”. In de berichtgeving online wordt de term in de maand die volgt in ruim 600 artikelen gebruikt. Veel minder vaak duiken de termen conflict (260 keer) en strijd (125 keer) op. Ook in het NOS Journaal van 20.00 uur wordt de hele eerste maand consequent gesproken over de “oorlog tussen Israël en Hamas”.

In een gesprek met de Ombudsman bevestigt de hoofdredactie dat al op de eerste dag de keuze is gemaakt om te spreken over een oorlog. Wat er gebeurt in Israël en de Gazastrook is niet te vatten in het veel vagere gewapend conflict, zo gaf de hoofdredactie aan. Inmiddels hebben ook de meeste andere Nederlandse media gekozen voor oorlog. Het is goed om daarbij op te merken dat de NOS het omschrijft als een oorlog tegen Hamas en dus niet tegen Gaza.

Conclusie

Wie deze dagen verslag moet doen van de oorlog tussen Israël en Gaza heeft daar een zware kluif aan. Niet alleen is het lastig om eigen bronnen te vinden of te verifiëren (daarover in een later artikel meer), maar ook is het lastig om de juiste formuleringen te vinden om de gebeurtenissen te beschrijven. Ieder woord kan gevoelig liggen in een artikel dat je bovendien ook nog eens snel moet produceren. Het is alsof je door een mijnenveld loopt terwijl iemand je aan het opjagen is. En dan kan er dus zomaar iemand aan de andere kant staan die je weer terug het mijnenveld in schopt. Omdat je volgens deze persoon net verkeerd gelopen bent.

De NOS kreeg flink wat verwijten over het woordgebruik. Maar we constateren dat bepaalde verwijten die de NOS werden gemaakt, niet terecht zijn. Zo houdt het verwijt dat de NOS Hamas niet benoemt als terroristische organisatie na onderzoek geen stand. Dat het niet iedere keer opníeuw gezegd wordt, doet daar geen afbreuk aan.

Het is goed dat de NOS er verschillende keren voor heeft gekozen om in het openbaar te reageren op klachten en suggesties. De Podcast De Dag met Sander van Hoorn en Giselle van Cann was daar een voorbeeld van. Datzelfde geldt voor enkele van de artikelen die de NOS in de afgelopen periode wijdde aan de journalistieke keuzes die rondom deze gebeurtenissen zijn gemaakt. Hoe meer en beter je uitlegt waarom je iets doet, hoe meer begrip er kan komen bij het publiek. Al heeft het verleden al aangetoond dat iedereen tevreden stellen een utopie is.

Deel 1: Onenigheid over de NOS-berichtgeving over Israël en Gaza
Deel 3: Berichtgeving in balans
Deel 4: Betrouwbare bronnen