08 January 2018

Nieuwjaarswens

Wat zou een ombudsman kunnen wensen voor een nieuw(s)jaar? Fantastische journalistieke producties, die niet alleen goed gemaakt zijn en gebruikers geven wat ze nodig hebben maar ook feitelijk, foutloos en fair zijn. Daarnaast heeft de ombudsman een misschien prozaïscher wens. Kunnen we zorgen dat herstel van een eenmaal gemaakte fout gemakkelijker terug te vinden is?

In het oude jaar bereikte mij de verzuchting van een zeer betrokken lezer. Hij spotte een fout in een artikel op de NOS-site over het controleren van vingerafdrukken in paspoorten: niet de gehele Europese Unie moest die vanaf 2009 opnemen, alleen de landen binnen het zogenoemde Schengengebied. Hij gaf de fout rechtstreeks aan de makers door en het duurde even maar de fout werd hersteld. Kous af? Niet voor de betrokken lezer, want die verbaasde zich dat het artikel geen bijschrift kreeg, een mededeling van de soort: “Hallo, lezer: hier is een correctie gemaakt en wel de volgende.”

Hij leest Nederlands maar schijft Engels en stuurde een mail aan de ombudsman. “I enjoy reading NOS but am gravely concerned by how difficult it is to submit factual corrections, and the fact that an article's contents can be changed long after publication, without that change being noted to the public. How many articles on NOS have been changed without the public knowing?” En na een serie voorbeelden hoe andere media hun correcties verwerken besloot hij: “Thank you for your excellent reporting, and I hope that you will take these concerns seriously.”

De ombudsman toonde zich al in 2015 in haar allereerste column over de NOS voorstander van genereus en blijvend vindbaar corrigeren. Degenen die het (digitale) uiterlijk en de inhoud van de NOS-berichtgeving beheren vertelden me bij diverse gelegenheden dat transparant foutenherstel  onderwerp van aandacht blijft. Maar met een herstelrubriek, een rubriek ‘Journalistieke Verantwoording’ en een ombudsman is het scala aan verantwoordings- en correctiemechanismen al breed. Maar dat is geen antwoord op de vraag van de betrokken lezer.

Internationale onderzoeken laten keer op keer zien dat transparantie over het productieproces van nieuws voor de gebruiker ervan sterk bijdraagt aan de betrouwbaarheid van de afzender. Waar vertrouwen in media afneemt kan (uitleg over) het verbeteren van fouten een stapje zijn op de weg terug.  De Journalistieke Code die alle omroepen per 2017 onderschreven zegt: onjuistheden worden zo snel mogelijk en op passende wijze hersteld. “Correcties en aanvullingen van journalisten zijn te vinden op de websites van de betreffende omroepen of programma’s.” Dat laatste nu blijkt door de nieuws- en actualiteitenprogramma’s niet, niet altijd, noch altijd even consequent te gebeuren.

NOS banner

Herstelrubriek

De NOS heeft dus een Herstelrubriek, waarvoor u wel even moet speuren. Ga  naar de onderkant van de site, en daar staat-ie, schuin naast ‘Werken bij de NOS” en pal boven de link naar de ombudsman.  De rubriek lijkt overigens niet veel gebruikt te worden. Niet iedere correctie haalt de herstelrubriek, type- of stijlfouten bijvoorbeeld. De ombudsman snapt dat: een tikfout wordt doorgaans snel hersteld en een artikel verandert er niet wezenlijk van. In de dagelijkse nieuwsstroom wordt de verbetering in een ‘update’ verwerkt. Maar wanneer (en ook: hoe) moet je correctie dan wel zichtbaar blijven?  

Andere journalistieke programma’s of -kanalen van de publieke omroep zoals Radio1 vermelden geen correctierichtlijn noch hebben ze een zichtbare plek voor herstel van fouten. EenVandaag stelt: “De informatie op deze website wordt met zorg samengesteld. Het voorgaande neemt niet weg dat deze informatie onvolledig kan zijn en / of onjuistheden bevat.” Wat er gebeurt wanneer in een uitzending of op de site een fout voorkomt wordt niet uitgelegd. Nieuwsuur meldt dat het belangrijke correcties “als onderwerp aan de volgende uitzending” toevoegt en andere fouten en aanvullingen op de website zet, voorbeelden zijn er niet.

Papieren edities van kranten hebben een rubriek met een titel die doorgaans één of meer van de woorden ‘correctie’, ‘aanvulling’ of ‘verbetering’ bevat, maar de respectievelijke ombudsmannen en –vrouwen klagen al meer dan een decennium over vindbaarheid en gebruik ervan. Op de websites staan korte vermeldingen van verbeteringen, al lijken die veel op degene die de papieren krant haalden. In Vlaanderen lijkt de aanpak van de VRT op die van de NOS, met een lastig vindbare en weinig gebruikte pagina voor rechtzettingen en een ombudsman. Corrigeren is, kortom, een dilemma waarmee veel media lijken te worstelen.

Correctie hotdogs

Correctie in de Louisville, Kentucky Courier Journal, 19 juli 2017.

Goede voorbeelden…

De ombudsman bekeek onder meer de voorbeelden die de betrokken lezer uit buitenlandse media stuurde, in de hoop dat er van te leren valt. De Canadese publieke omroep CBC noemt het behouden van de geloofwaardigheid van de mediaorganisatie als voornaamste reden om niet te aarzelen met rectificeren, en stelt dat ook lang na eerste publicatie herstelde fouten zichtbaar moeten blijven: “Any changes to the original material will be noted to preserve the transparency of the process.” Hoe dat er precies uitziet is helaas niet helder.

The Guardian geeft zes criteria om te bepalen of een expliciete correctie nodig is. Ze variëren van mogelijke consequenties mocht een artikel verkeerd begrepen worden tot het risico dat de reputatie van de krant door een fout geschaad wordt. Op meerdere pagina’s worden correcties toegelicht, een gecorrigeerd artikel heeft – onderaan en visueel weinig opvallend – enkele zinnen met uitleg.

Zinnen Guardian

The New York Times heeft een speciale pagina waarop de correcties die de papieren krant haalden plus een lijst met links naar gecorrigeerde artikelen, en zet onderaan digitale versies van artikelen wat de correcties waren. Soms een flink stuk scrollen en een RSI-duim verder.

De Washington Post stelde voor zijn website in 2011 een – deze ombudsman sympathiek in de oren klinkende – richtlijn: “The change should be made within the article and the correction should also be noted at the top of the item.” In 2013 vervolgde een intern memo dat “[p]lacement for corrections reflects gravity of error. A serious error must be noted at the top of the story, blog or graphic. For smaller errors, corrections can be appended at the bottom as a footnote, and noted next to the error in the text of the story.” Inmiddels wordt niet meer zo eenduidig aangegeven wáár en hoe een verbetering zichtbaar moet zijn of blijven. Voortschrijdend inzicht vanwege grootscheepse ‘verrommeling’ of onleesbaarheid van online artikelen? De ombudsman heeft helaas geen Post-collega meer om het aan te vragen: de onafhankelijke ombudsman van de krant is in 2013 gestopt.

De Canadese krant The Toronto Star houdt bij hoeveel er hersteld wordt, en telde in 2017 1179 correcties, 360 in de papieren krant en 819 in online artikelen. Maar, schrijft de public editor in een terugblik, “[t]o be honest, I believe the number of online corrections is likely higher, however. A large amount of digital content is published and corrected around the clock in real time and I know that deadline pressures mean that these online errors and fixes don’t always get reported to the public editor’s office to be captured in our corrections spreadsheet, as is required. We are looking at ways to improve this process.”

De Australische publieke omroep ABC verzamelt alle correcties van radio, tv of website op één pagina, en linkt hier ook door naar de behandeling van klachten van het publiek. Maar wil je nalezen hoe een correctie is verwerkt blijkt er doorgaans geen handige link naar uitzending of het originele artikel meer voorhanden.

… doen goed volgen?

Maar hoe corrigeer je dan, online of in beeld en geluid, zonder dat een eenmaal gepubliceerd artikel of uitgezonden item rommelig, onleesbaar of onverstaanbaar wordt?  De ombudsman vraagt u om goede voorbeelden (graag ook uit andere taalgebieden het Angelsaksische), en webdesigners en journalisten om gezamenlijk verder te denken. En gooit vast een paar ideeën in de hoed.

Begin met duidelijk te maken op de site van programma en/of omroep wat je correctierichtlijn is – en dat niet in een uithoekje of pas na een recordpoging scrollen. De zes criteria van The Guardian kunnen daarbij een startpunt zijn. Bepaal eenduidig wanneer iets expliciet gecorrigeerd moet worden en laat dat de nieuwsconsument weten.

Bij een online artikel zou de term ‘update’ in de dateline (de regel die aangeeft wanneer het artikel gepubliceerd is) gereserveerd moeten worden voor wat het echt is: een actualisering van het bericht, geen verkapte wijziging. Wanneer er een kleine correctie nodig is kan het woord ‘correctie’ worden toegevoegd aan de dateline, met een doorklik naar een korte uitleg (eventueel als voetnoot onderaan het artikel). Als er een grote verbetering plaatsvindt ziet de ombudsman die graag bovenaan het artikel vermeld, in een afwijkend lettertype of kleur zodat de lezer direct weet dat hier iets substantieel is gewijzigd.

En hou het oorspronkelijke artikel alsjeblieft ook vindbaar, anders gaat de hele exercitie alsnog lijken op oud-communistisch retoucheren. De ombudsman vond een voorbeeld van hoe het zou kunnen bij de Independent Journalism Review, een nieuwswebsite uit Virginia. De uitleg is nog steeds cryptisch maar in elk geval zichtbaar, en zelfs een verwijderd artikel is nog (na een extra handeling) te lezen.

Correctie IJR

Bij radio en tv-items zou bij archivering helder gemaakt kunnen worden dat met dit fragment iets aan de hand was. Daarvoor kunnen archivarissen vast en zeker een goede vorm bedenken, beter dan de ombudsman dat kan. Grote correcties zouden zo snel mogelijk in een vervolguitzending aan de orde kunnen komen. Sommige omroepen hechtten in 2017 een uitspraak van de ombudsman aan de beoordeelde uitzending, chapeau daarvoor. Of het betreffende programma vervolgens verwijderd zou moeten worden is een zaak voor de verantwoordelijke omroep, al is de ombudsman hier alleen bij hoge uitzondering voorstander van.

Slotvraag aan de ombudsman: waarom zou je – op het internet dat toch al zo slecht van vergeten is – systematisch en simpel willen bewaren wat er ooit fout ging in je journalistieke werk? Juist omdát het internet (bijna) nooit iets vergeet. Je bent het als journalist verplicht aan degene die door je fout geraakt wordt: zorg dat je herstelt en dat dat duidelijk zichtbaar blijft. Hoe kan dat beter dan in of direct na de oorspronkelijke misser, op alle platforms waarop die fout werd gemaakt? Wil je als nieuwsorganisatie geloofwaardig en betrouwbaar zijn en blijven, moet je niet alleen snel (met uitleg en excuses) corrigeren maar ook zo dat de nieuwsgebruiker kan snappen wat er gebeurd is.

The Toronto Star zegt het mooi: “As the Star’s journalistic standards have long stated, accuracy is our most basic contract with readers and correcting our mistakes is core to that contract. As this new year dawns, we pledge to continue to honour that contract and maintain your trust. “

Nieuws verslaan en maken is mensenwerk, er gaan dingen fout. Fouten herstellen is net zo menselijk. Laten we dan in het nieuwe jaar ook het digitaal en collectief geheugen leren er – blijvend! – mee om te gaan.

Aanvulling:

Dit is de manier waarop de website van de NOS op 15-1-2017 een onjuist overgenomen nieuwsbericht corrigeerde. Helder en overzichtelijk. Een vorm die in de toekomst wellicht ook voor andere – grote – correcties gebruikt zou kunnen worden.


De ombudsman wenst u een fijn 2018!