29 augustus 2023

Dossier Transparantie. Deel 3: Het onderzoek.

De artikelen in Dossier Transparantie zijn geschreven door Kris Sturkenboom, zij was stagiaire bij Team Ombudsman tussen april en juli 2023. Kris deed onderzoek naar het belang van transparantie voor het publiek en verwerkte de uitkomsten in vier artikelen.  

De journalistiek worstelt al jaren met de vraag hoe meer vertrouwen van het publiek te krijgen. Om aan te tonen hoe betrouwbaar ze zijn, kun je bij sommige redacties binnenkijken. Want als het publiek kan zien hoe ze hun werk doen, dan vertrouwt het de journalisten vast. Transparantie als vertrouwens- en geloofwaardigheidsversterker. Maar klopt die aanname eigenlijk wel?

Naar die vraag deed de wetenschap de afgelopen twintig jaar veel onderzoek. Dat gebeurde op allerlei manieren. Er werden experimenten georganiseerd, vragenlijsten uitgezet en focusgroepen gehouden. Wetenschappers keken niet alleen naar het effect van journalistieke transparantie op het vertrouwen van het publiek, maar ook naar de behoefte van het publiek aan transparantie.

Onduidelijkheid

Al die verschillende onderzoeken leidden niet tot dezelfde resultaten. Ik, Kris, liep drie maanden stage bij Team Ombudsman en vergeleek een groot deel van de onderzoeken naar journalistieke transparantie en de behaalde resultaten met elkaar. Ik verwerkte wat ik vond in een onderzoeksverslag. Sommige onderzoeken concludeerden dat het publiek wel degelijk behoefte heeft aan transparantie en dat het vertrouwen van het publiek in de journalistiek erdoor versterkt. Andere claimden dat transparantie weinig tot geen effect heeft op het publiek.

Team Ombudsman was benieuwd naar waar die verschillende conclusies vandaan kwamen. Ik keek daarvoor naar de methodes van de onderzoeken. Op welke manier werd de behoefte van het publiek aan transparantie bevraagd? Was het bijvoorbeeld via een experiment of met een enquête? En ook: welk publiek is onderzocht? Ging het om jongeren of om alle leeftijdsgroepen? En hoe zit de journalistiek in elkaar in het land waar het onderzoek is uitgevoerd? Het zijn allemaal vragen die veel invloed kunnen hebben op de uiteindelijke uitkomst van een onderzoek.

Er vielen mij verbanden op tussen de onderzoeksmethodes en de uitkomsten van het onderzoek. Uit vrijwel alle experimenten bleek bijvoorbeeld dat het effect van transparantie op het publiek nihil was. Ook wanneer werd gevraagd naar wat het publiek belangrijke journalistieke waarden vindt, antwoordde bijna niemand ‘transparantie’. Vooral objectiviteit werd dan als waarde genoemd. Wanneer echter via een vragenlijst aan mensen werd gevraagd: “Hoe belangrijk vindt u het dat journalisten transparant zijn?”, dan scoorde dat bijna net zo hoog als objectiviteit en onafhankelijkheid.

Een eigen onderzoek

Mijn theorie was dat de manier waarop de behoefte van het publiek aan transparantie wordt onderzocht in zo’n grote mate effect heeft dat het de uitkomst van het onderzoek verandert. Anders gezegd: de onderzoeksmethode bepaalt bij voorbaat de conclusie.

Team Ombudsman besloot deze theorie zelf te testen onder zo’n 200 Nederlandse volwassenen. De ene helft beoordeelde twintig journalistieke waarden op een schaal van 1 tot 5. Dat waren stellingen als: “Journalisten moeten onafhankelijk zijn” en “Journalisten moeten reageren op klachten van het publiek.” De mensen die de vragenlijst invulden moesten ook aan de verschillende vormen van transparantie een cijfer geven. De andere helft van de onderzoeksgroep kreeg een meer ‘open’ vraag, namelijk: “Wat vindt u belangrijk in de journalistiek?” Het was de bedoeling dat ze vanuit de vragenlijst geen suggesties kregen. Ze mochten alles invullen. Er stonden dus nergens voorbeelden van journalistieke waarden zoals transparantie.

De resultaten van het onderzoek bevestigen de theorie. Bij de ‘open’ vragen noemden mensen vooral objectiviteit en onafhankelijkheid. Die twee eindigden ook hoog bij de ‘gesloten’ vraag, maar transparantie over gemaakte fouten ook. Daarnaast eindigden andere vormen van transparantie hoog in de enquête met ‘gesloten’ vragen. In de enquête met 'open' vragen werd transparantie daarentegen slechts twee keer genoemd. Objectiviteit werd daarentegen twintig keer genoemd. En onafhankelijkheid negentien keer.

Als het publiek geen opties voorgeschoteld krijgt en zelf moet nadenken over journalistieke waarden, vindt het met name objectiviteit en onafhankelijkheid belangrijk. Dat is anders wanneer het publiek journalistieke waarden voorgesteld krijgt en deze alleen hoeft te beoordelen. Dan gaan ook andere waarden zoals transparantie een rol spelen.

Het onderzoek dat de afgelopen twintig jaar is gedaan naar journalistieke transparantie gaf geen eenduidige conclusie. Wetenschappers kwamen er niet uit of transparantie wel of niet gewenst was door het publiek. Ons onderzoek laat zien dat op die vraag misschien wel nooit een antwoord gaat komen. Daarvoor heeft de onderzoeksmethode té veel effect op de conclusie.

Niet nutteloos

Dat wil niet zeggen dat het onderzoek van de afgelopen twintig jaar nutteloos was. Alleen al het feit dat er zulke verschillende resultaten uitkomen, roept interessante nieuwe vragen op. Misschien heeft het publiek bijvoorbeeld wel veel behoefte aan transparantie, maar weet het niet goed hoe het dat moet verwoorden. Wat zou er gebeuren als we specifiek gaan vragen hoe belangrijk mensen het vinden dat een redactie uitlegt hoe men te werk gaat? Misschien is de vage en brede definitie van transparantie te lastig te begrijpen voor het publiek.

Naar theorieën als hierboven kan de wetenschap verder onderzoek doen. Dat geeft geen direct antwoord op de vraag of het publiek behoefte heeft aan journalistieke transparantie. Het legt ons wel veel meer uit over de opvattingen die mensen hebben over het fenomeen. Op die manier zorgt het toch weer voor bruikbare kennis waarmee de journalistiek geholpen is.

Een onderzoek neerzetten met zo’n pessimistische conclusie was natuurlijk niet het aanvankelijke doel van mijn zoektocht in de wereld van journalistieke transparantie. Ik begon mijn stage met het doel om voor eens en altijd uit te vinden hoe het nu zat met het vertrouwen van het publiek in transparantie. En als die behoefte heel klein was, dan wilde ik graag weten wat het publiek wél wilde.

Op geen van beide vragen heb ik antwoord gekregen. Onbevredigend? Misschien een beetje. Maar het is ook niet gek: een zoektocht naar iets eindigt niet altijd op het punt waar je het had verwacht. Dat gebeurt niet alleen in de wetenschap, daar hebben journalisten ook mee te kampen.

Bovendien wil de conclusie van het onderzoek niet zeggen dat journalistieke transparantie afgeschreven is. Hoe het verder moet met transparantie? Dat lees je in de laatste column van deze serie .

Lees verder:

- Dossier Transparantie. Deel 1: Inleiding.
- Dossier Transparantie. Deel 2: Wat is transparantie eigenlijk?

- Dossier Transparantie. Deel 4: Een transparante toekomst?
- Dossier Transparantie. Het onderzoeksrapport.
- Podcast 3.6 Transparantie: Nuttig of noodzaak?